Home. Foto's. Info. Contact. Trams. Bussen. Sponsoren. Donateurs. Geschiedenis. Winkel. Evenementen. webLinks. NZH Vervoer Museum

De trams in het NZH Vervoer Museum.

Van de bijna 350 ''Blauwe" trams in Noord- en Zuid-Holland, ingericht voor personenvervoer met elektrische tractie, zijn er slechts 7 als museumstuk bewaard gebleven. Drie onder de hoede van de Tramweg-Stichting in Den Haag/Scheveningen en vier in het NZH Vervoer Museum

te Haarlem.

Het oudste rijtuig dateert uit 1896, gebouwd door de Belgische fabriek´´La Métalllurgique´´ voor de stoomtramlijnen Amsterdam-Purmerend-Alkmaar en -Volendam van de Tweede Noord-Hollandsche Tramweg Maatschappij. Toen de lijnen tot Purmerend en Volendam in 1932 door elektrische trams van de NZH konden worden bereden, werd het rijtuig met nog 17 andere verbouwd tot aanhangrijtuig achter de elektrische motorwagens en kreeg daarbij het nummer BY 2. Na sluiting van de laatste tramlijn in Waterland in 1956 werd het door de NZH geschonken aan het Utrechtse Spoorwegmuseum. Na een verblijf aldaar van ruim 40 jaar verhuisde de BY 2 andermaal, nu om een plaats te krijgen in het NZH Vervoer Museum.


Het op één na oudste tramrijtuig is de A 37, gebouwd door Beijnes in 1899. Uit een serie van 8 motorwagens voor de lijn Haarlem-Zandvoort van de Eerste Nederlandsche Electrische Tram-Maatschappij afkomstig, deed de A 37 daarna dienst op de Haarlemse stadslijnen en enkele jaren op het Waterlandse net, om te eindigen als dienstwagen tussen de remise aan de Leidsevaart en de Tempeliersstraat. Ook dit rijtuig werd door de NZH aan het Spoorwegmuseum geschonken. Het keerde na 32 jaar, in 1989 terug naar zijn bakermat in Haarlem.


De derde museumtram is de A 14, eveneens van "La Métallurgique'' , gebouwd in 1904 voor de lijn Amsterdam-Haarlem-Zandvoort van de Electrische Spoorweg Maatschappij, ESM. Oorspronkelijk een serie van 34 motorwagens waarvan er na 1924, toen de Noord-Zuid-Hollandsche Tramweg-Maatschappij in de plaats trad van de ESM, nog 30 stuks aan-wezig waren, waarvan één tot aanhangrijtuig was verbouwd. In 1943 ging de A 14 de gelederen in Waterland versterken, waar hij in 1955 een vroegtijdig einde beleefde na een botsing in dichte mist met een tegemoetkomende tram. Uit Haarlem kwam een vervangend rijtuig in de vorm van de A 13 die daarbij tot A 14 (II) werd omgedoopt. Het rijtuig overleefde na de opheffing van de lijn naar Volendam in 1956 de sloop en werd óók aan het Spoorwegmuseum geschonken. Samen met de BY 2 kwam de A 14 in 1997 terug naar Haarlem. Het verkeerde in niet al te beste staat die in de volgende jaren nog verder achteruit ging. Na een grote restauratie van de BY 2 die door de medewerkers van het museum werd uitgevoerd is het nu de beurt aan de A 14 (in werkelijkheid dus eigenlijk A 13). In 2007 is men met de restauratie van de A14 begonnen. Een klus van enkele jaren die niet voor nul komma nul kan worden geklaard; elke bijdrage op giro 388067 t.n.v. STG NZH- Vervoer Museum te Haarlem is daarom zeer welkom.


1923/1926. Als B 412 in 1924 in het rayon Leiden in dienst gekomen, in 1933 verhuisd naar Haarlem om na aanpassing van de spoorwijdte als B 464 tot 1 september 1957 op de lijn Amsterdam-Zandvoort dienst te doen. Als enige overleefde hij de sloop door verkoop aan een particulier die hem tot zomerhuis verbouwde. Ontdaan van onderstellen en interieur hield de B 412/464 het als zo-danig uit tot 1973. In dat jaar werd hij van de alsnog dreigende sloop gered en door een groep tramenthousiasten van wie de handen niet verkeerd stonden in de jaren 1976 tot 1986 terugverbouwd tot de Leidse normaalspoor uitvoering. De voltooiing van dit werk vond plaats in het NZH Museum, waarnaar hij intussen op 12 december 1985 was overgebracht. De enige grote concessie die aan de historie is gedaan bestaat uit het feit dat de B 412 in Leiden geen zgn stuurstand bezat die hij voor de dienst op Amsterdam-Zandvoort had gekregen en die weer is aangebracht om het rijtuig, met frontlampen, schijnwerper en richtingfilmkast nóg fraaier te maken.


Gastenboek.